Je zou ons, familie Van Gansen-Plovie, kunnen beschouwen als een ruimdenkende en tolerante familie. Dimi en ik zijn allebei met AFS naar het buitenland geweest: Dimi naar een Amerikaanse christelijke blanke familie met geadopteerde kinderen, ik naar Ghana. We zijn daarna nog eens naar het buitenland: ik voor een stage in Zuid-Afrika waar ik leerde samenwerken met heel verschillende mensen, Dimi naar Guatemala. Vooral door onze AFS-ervaring maar ook via het werk hebben we allebei vrienden die niet in ons land geboren zijn. We hebben bewust voor een buurtschool gekozen waar de sociale en etnische mix maakt dat Zita een buitenbeentje is. Als mama maak ik dikwijls een praatje met de andere mama’s die ik ken van aan de schoolpoort.
Allemaal heel politiek correct dus, echt multiculti. Tot de onthaalmoeder van Casper, met Portugese roots, ziek wordt en hij tijdelijk naar een onthaalmoeder kan met roots in Hasselt en Marokko. Waar hij het enige kindje is met ‘autochtone’ ouders. Dan moeten we bekennen dat wij toch even nadenken. Wij, die ruimdenkende en tolerante mensen met heel wat interculturele bagage. Maar hij is nu toch bij haar. Een jonge dame met veel energie en een groot hart voor kinderen. Die mij een berichtje stuurt om te zeggen dat Casper ondertussen gestopt is met wenen en flink speelt. Soms is het even wennen, met andere ouders die hun schoenen uitdoen als ze binnen gaan en de onthaalmoeder die een hoofddoek aandoet als ze ziet dat Dimi Casper brengt.
Onze overtuigingen werden dus even op de proef gesteld. Maar Casper is er graag, en wij staan er al bijna niet meer bij stil.